Leven met ....

Heb ik liever een patatje met of vandaag toch maar zonder, omdat ik aan de lijn doe? Dat was mijn eerste gedachte wat er in me opkwam. Was het maar zo dat ik ook kon kiezen om te leven met en zonder . ....

Maar sinds een jaar of tien weet ik dat ik hiv in mijn lijf heb. Ik weet nog de exacte datum dat ik besmet ben geraakt met het hiv. Ik was er natuurlijk zelf bij en neem ook alle verantwoordelijkheid van onze daad. Niet alleen de seksuele daad, maar ook het zonder condoom seks hebbend. Beiden wisten we niet veel van hiv. Het leek een ver van ons bed show. Dat bleef ook zo want wij hebben het bed nooit gedeeld. We waren goede bekenden, hij woonde samen en bleef slapen omdat we teveel gedronken hadden en teut waren. We sliepen op een matras op de grond die nacht.

Daar is het helaas niet bij gebleven want later tijdens het testen voor een deelname aan een geneesmiddelenonderzoek bleek ik seropositief te zijn. Raar woord. Ik bleek opeens een Hiv-besmetting te hebben. Ik belde hem en hij snapte er ook niets van. Einde contact. Hij zou zich wel in het buitenland laten testen want hij wilde niet in Nederland hiv-geregistreerd staan. Dat zou hem wellicht zijn baan en zijn relatie kunnen kosten. Met het stopzetten van het contact meende hij van het hiv-verhaal af te zijn.

Mijn eerste gedachte was 'Nu ga ik dood'. Later bleek die gedachte onrealistisch te zijn. Na een paar jaar moest ik pillen slikken totdat atripla op de markt kwam. Een pilletje per dag en een chronische ziekte. Moet kunnen toch?

Het kostte me heel veel moeite om elke dag medicatie in te nemen. Bij het innemen van atripla voelde in na een uurtje alsof ik dronken was en kreeg over mijn hele lijf blaasjes. Ik kreeg nare dromen en ging paniekerig reageren. Want wie of wat was nog te vertrouwen? Vaak was ik vrolijk, maar raakte steeds meer in een depressie. Werd vergeetachtig en kon me tijdens mijn werk niet concentreren. Met het gebruik van atripla gestopt en nu slik ik meer dan een jaar andere medicatie.

De problemen van vergeetachtigheid, concentratiestoornis, paniekaanvallen, depressieve gevoelens en chronische vermoeidheid bleven ondanks de verandering van medicatie. Zijn dit de bijwerkingen van het hiv of van de hiv-medicatie? Opnieuw geen relevante keuze bij inname van de medicatie; ik heb hiv en zonder hiv-remmers ga ik dood.

De keuze die nu gemaakt kan worden is: Kom ik er eerlijk vooruit dat ik hiv heb of laat ik het een geheim blijven. Mijn naam is gefingeerd. Tot het moment dat ik er eerlijk vooruit wil, kan en mag komen. Dat mijn hiv-status mijn baan niet kan kosten, dat ik een serieuze kandidaat ben tijdens een date of sollicitatiegesprek en dat andere mensen gewoon reageren zodra ik ergens bloed.

Mijn hart bloedt. Ik ga door met leven met hiv

Jhana